NMA-boete niet aftrekbaar van de winst
   
Bron: PriceWaterhouseCoopers
Juridisch, 2010-07-28 12:04:40
Geplaatst door Redactie Legal360
 

 

 

Rechtbank Arnhem heeft onlangs beslist dat een bouwbedrijf de door de NMA (Nederlandse Mededingingsautoriteit) opgelegde boete niet in aftrek kon brengen van de winst. De NMA-boete heeft een bestraffend karakter. Dat de boete gerelateerd is aan de mogelijke opbrengsten van de kartelafspraken, doet aan het bestraffende karakter niet af. Het bouwbedrijf stelde dat de NMA-boete primair een voordeelontnemend karakter zou hebben en niet zozeer een bestraffend karakter waardoor de wettelijke aftrekuitsluiting niet van toepassing zou zijn. De rechtbank wees dit standpunt af onder verwijzing naar de wetsgeschiedenis en de wetswijziging van de wettelijke bepaling over de aftrekuitsluiting voor geldboeten en dergelijke per 1 januari 2004.

Diverse soorten geldboeten zijn volgens een wettelijke bepaling niet aftrekbaar van de winst. Tot deze boeten behoren onder meer geldboeten met een strafrechtelijk, tuchtrechtelijk of bestuursrechtelijk handhavende achtergrond. 

Rechtbank Arnhem heeft onlangs beslist dat een bouwbedrijf de door de NMA (Nederlandse Mededingingsautoriteit) opgelegde boete in 2004 en 2005 niet op de winst in aftrek kon brengen. De NMA-boete heeft een bestraffend karakter. Dat de boete gerelateerd is aan de mogelijke opbrengsten van de kartelafspraken, doet aan het bestraffende karakter niet af. Het bouwbedrijf stelde dat de NMA-boete primair een voordeelontnemend karakter zou hebben en niet zozeer een bestraffend karakter, waardoor de wettelijke aftrekbeperking niet van toepassing zou zijn. 

De rechtbank wees dit standpunt af onder verwijzing naar de wetsgeschiedenis en de wetswijziging van de wettelijke bepaling over de aftrekbeperking voor geldboeten en dergelijke per 1 januari 2004. Bij de wetswijziging per 1 januari 2004 werd een aantal genoemde boeten en verhogingen vervangen door het begrip ‘bestuurlijke boete’. In de wetsgeschiedenis was over de werkingssfeer van de aftrekuitsluiting voor bestuurlijke boeten opgemerkt dat deze zich ook uitstrekt tot bestuurlijke boeten gebaseerd op toekomstige, nieuwe wetgeving. Het karakter van de bestuurlijke boete moet daarbij in zijn geheel worden bezien en daarbij bestaat geen ruimte om een gedeelte daarvan anders te kwalificeren. 

Het bouwbedrijf stelde vervolgens dat het onderscheid tussen het ontnemen van wederrechtelijke voordelen door middel van een strafrechtelijk vonnis enerzijds (wel aftrek mogelijk) en het ontnemen van wederrechtelijke voordelen door middel van mededingingsboeten anderzijds (geen aftrek mogelijk) in strijd is met het gelijkheidsbeginsel in de mensenrechtenverdragen. De rechtbank merkte daarover op dat de wetgever met het gemaakte onderscheid is gebleven binnen de ruime beoordelingsvrijheid die de wetgever toekomt om gevallen als gelijk aan te merken óf om gevallen verschillend te behandelen als voor de verschillende behandeling een gegronde rechtvaardiging bestaat. Nu de wetgever met betrekking tot de aftrekbaarheid van bestuurlijke boeten geen onderscheid heeft willen maken tussen een deel dat is gericht op bestraffing en een deel dat is gericht om het voordeel te ontnemen en de rechtbank dat onderscheid gerechtvaardigd acht, vonde de rechtbank voor de onderhavige zaak niet van belang of en in hoeverre de aan het bouwbedrijf opgelegde boete is gericht op voordeelontneming.

Opmerkingen
De uitspraak van Rechtbank Arnhem ligt geheel in lijn met een uitspraak van Hof Amsterdam van 11 maart 2010. Dit hof deed na een verkregen prejudiciële beslissing van het Europese Hof van Justitie einduitspraak in een zaak waarin de Europese Commissie mededingingsboete had opgelegd.. Hof Amsterdam kwam tot het oordeel dat de aftrekuitsluiting geen ruimte biedt om onderscheid te maken tussen een (niet aftrekbaar) bestraffend gedeelte, en een (wel aftrekbaar) voordeelontnemend gedeelte.

De werkingssfeer van de bestuurlijke boete is vanaf 1 januari 2004 ruimer geworden. Tot 2004 gold de toenmalige aftrekuitsluiting alleen voor bestuursrechtelijke boeten op basis van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de Douanewet en de Coördinatiewet Sociale Verzekering, de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften en de Mededingingswet) en enkele andere wetten waarin de hiervoor genoemde van overeenkomstige toepassing zijn verklaard, dat deze boeten op basis van dezelfde argumenten als boeten opgelegd door de Nederlandse strafrechter, geen aftrek ten laste van de winst mogelijk is. 

Vanaf 2004 is de aftrekuitsluiting uitgebreid tot alle bestuurlijke boeten. Dit heeft tot gevolg dat ook de bestuurlijke boeten die ingevolge de volgende wetten kunnen worden opgelegd, van aftrek zijn uitgesloten: de Arbeidsomstandighedenwet, de Coördinatiewet Sociale Verzekering (premieheffing), de Huursubsidiewet, de Mediawet (reclamevoorschriften), de Mediawet (omroepbijdragen), de Pensioen- en spaarfondsenwet c.a., de Postwet, de socialeverzekeringswetten (AOW, AKW, Anw, WW, ZW, TW, WAO, AAW, WAZ, Wajong), de socialevoorzieningswetten (Abw, IOAW, IOAZ, Wet inkomensvoorziening kunstenaars), de Tabakswet, de Telecommunicatiewet, de Warenwet, de Wet geneesmiddelenprijzen, de Wet inburgering nieuwkomers, de Wet infectieziekten, de Wet op de geneesmiddelenvoorziening, de Wet op de particuliere beveiligingsorganisaties, de Wet reïntegratie gehandicapten, de Wet verbetering poortwachter, de Wet toezicht kredietwezen 1992, de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf, de Wet toezicht beleggingsinstellingen, de Wet toezicht effectenverkeer 1995, de Wet inzake de wisselkantoren, de Wet melding zeggenschap in ter beurze genoteerde vennootschappen 1996 en de Wet financiële betrekkingen buitenland 1994.

Momenteel bestaan nog wel een aantal wel aftrekbare sancties. Het betreft onder meer een door een buitenlandse strafrechter opgelegde boeten, de onttrekking aan het verkeer, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel (in voorkomende gevallen), verbeurdverklaring en schadevergoeding, sancties en boeten voor overtredingen in de criminele sfeer en dwangsommen opgelegd door een bevoegd bestuursorgaan.

Bron: Rechtbank Arnhem, 13-7-2010, nrs. 08/3764 en 08/2999 (gepubliceerd 26-7-2010).

 

 

 
Meer: http://www.nl.pwc.com/extweb/bn/TaxNews.nsf/Public/XK35021